Beginnen met beleggen

Beleggingsstrategieën voor beginners: stap voor stap aan de slag

Beleggingsstrategieën voor beginners zijn gestructureerde plannen die bepalen hoe je je geld inzet op basis van je doelen, je risicotolerantie en de tijd die je hebt. Zonder zo’n plan beleg je op gevoel, en dat kost je gemiddeld meer rendement dan je denkt. Dit artikel legt stap voor stap uit hoe je een strategie opbouwt die bij jou past.


Wat zijn beleggingsstrategieën en waarom zijn ze belangrijk?

Een beleggingsstrategie is een doordacht plan dat bepaalt hoe je je geld belegt op basis van je doelen, risicotolerantie en tijdshorizon. Het klinkt formeler dan het is. In de praktijk gaat het om drie simpele vragen: wat wil je bereiken, hoeveel risico kun je verdragen, en hoelang kun je wachten?

Zonder antwoord op die vragen neem je beslissingen op basis van de markt van die dag, het nieuws van die week, of het enthousiasme van een vriend. Dat leidt bijna altijd tot inconsistentie: te vroeg verkopen als het even tegenvalt, te laat instappen als alles al gestegen is.

Een strategie geeft je een referentiekader. Niet omdat de markt zich aan jouw plan houdt, maar omdat jij je aan je plan houdt. Dat onderscheid maakt op de lange termijn meer verschil dan welk aandeel je kiest.

Er zijn grofweg twee typen strategieën: passief en actief. Bij passief beleggen volg je een index, bij actief beleggen probeer je die index te verslaan. Voor de meeste beginners is passief beleggen het meest logische startpunt, omdat het goedkoper is, minder tijd vraagt en historisch gezien voor de meeste actieve beleggers beter uitpakt. Meer over dat verschil staat in de FAQ onderaan dit artikel.


Bepaal je financiële doelen en tijdshorizon

Het definiëren van concrete financiële doelen en een realistische tijdshorizon vormt de basis voor een passende beleggingsstrategie. “Meer geld” is geen doel. “Over twintig jaar een aanvulling op mijn pensioen van 500 euro per maand” is er wel een.

Concrete doelen helpen je bij twee keuzes die alles bepalen: hoeveel risico je neemt en welke instrumenten je kiest.

Een handige indeling is die naar tijdshorizon:

  • Korte termijn (0 tot 3 jaar): geld dat je binnenkort nodig hebt, hoort niet in aandelen. De kans dat de markt op precies het verkeerde moment daalt is te groot. Spaarrekening of deposito is hier logischer.
  • Middellange termijn (3 tot 10 jaar): een mix van aandelen en obligaties kan, afhankelijk van hoe goed je een tijdelijke daling kunt opvangen.
  • Lange termijn (10 jaar of meer): historisch gezien heeft een gespreide aandelenportefeuille op deze horizon vrijwel altijd positief gepresteerd. Hier past een hoger aandeel aandelen.

Schrijf je doel op. Niet in je hoofd, maar op papier of in een document. Dat klinkt onnodig, maar het maakt je doel concreet en helpt je later bij het vasthouden aan je plan als de markt onrustig is.

Bedenk ook of je belegt vanuit privé of via een BV. Voor ondernemers gelden andere fiscale regels, en die kunnen de keuze voor bepaalde instrumenten of rekeningen beïnvloeden. Dat verdient een apart gesprek met een adviseur als de bedragen significant zijn.


Beoordeel je risicotolerantie en beleggingsprofiel

Je risicotolerantie bepaalt welke mix van aandelen, obligaties en andere beleggingen het meest geschikt voor jou is. Het gaat daarbij om twee dingen die mensen vaak door elkaar halen: hoeveel risico je financieel kunt dragen, en hoeveel risico je emotioneel kunt verdragen.

Financieel risico hangt af van je situatie. Heb je een buffer van drie tot zes maanden aan vaste lasten achter de hand? Beleg je geld dat je de komende jaren niet nodig hebt? Dan kun je meer risico nemen. Beleg je met geld dat je eigenlijk al een bestemming had gegeven, dan niet.

Emotioneel risico is subjectiever. Stel dat je portefeuille in drie maanden 30% daalt. Wat doe je? Als het antwoord is “niets, want ik weet dat het op de lange termijn herstelt”, dan heb je een hoge risicotolerantie. Als het antwoord is “verkopen, want ik kan dit niet aanzien”, dan heb je een lagere. Beide zijn normaal. Het gaat erom dat je een portefeuille samenstelt die je ook daadwerkelijk kunt volhouden. [bron: https://www.afm.nl/nl-nl/consumenten/themas/zelf-beleggen]

De AFM biedt op haar website informatie en tools waarmee je je beleggingsprofiel kunt verkennen [bron: https://www.afm.nl/nl-nl/consumenten/themas/zelf-beleggen]. Veel brokers gebruiken een vergelijkbare vragenlijst bij het openen van een rekening. Die uitkomst is niet bindend, maar geeft een nuttig startpunt.

Een vuistregel die veel beleggers gebruiken: trek je leeftijd af van 100 of 110, en dat percentage is je aandelengewicht. Ben je 30, dan zou je portefeuille voor 70 tot 80% uit aandelen kunnen bestaan. Ben je 55, dan eerder 45 tot 55%. Het is een grove richtlijn, geen wet, maar het illustreert hoe tijdshorizon en risico samenhangen. [bron: https://www.dnb.nl/voor-de-consument/beleggen/]


Diversificatie: je portefeuille spreiden

Diversificatie door belegging in verschillende sectoren, regio’s en activaklassen vermindert je beleggingsrisico aanzienlijk. Het is het enige wat in de financiële wereld soms een “gratis lunch” wordt genoemd: je verlaagt je risico zonder dat je gemiddeld rendement evenredig daalt. Grondstoffen kunnen daarin een rol spelen; hoe dat werkt, lees je in beleggen in goud.

De logica is eenvoudig. Als je alles in één aandeel stopt en dat bedrijf gaat failliet, ben je alles kwijt. Als je in honderd bedrijven belegt en één gaat failliet, merk je het nauwelijks. Spreiden over sectoren, landen en activaklassen voegt daar een extra laag aan toe: als de technologiesector daalt, hoeft de gezondheidszorgsector dat niet te doen.

In de praktijk hoef je dit niet zelf samen te stellen. Een breed wereldwijd indexfonds doet het voor je. IWDA, de iShares Core MSCI World ETF, belegt bijvoorbeeld in meer dan 1.400 bedrijven uit 23 ontwikkelde landen in één product [bron: https://www.ishares.com/uk/individual/en/products/251882/]. Voor veel beginners is dit de meest efficiënte manier om direct breed gespreid te beleggen.

Diversificatie heeft ook grenzen. Het beschermt je niet tegen een algemene marktdaling waarbij vrijwel alle aandelen tegelijk dalen, zoals in 2008 of in het voorjaar van 2020. Maar het beschermt je wel tegen het risico dat één bedrijf of één sector je portefeuille naar nul trekt. Dat is al heel wat.

Wie verder wil spreiden, voegt naast aandelen ook obligaties, vastgoed-ETF’s of grondstoffen toe. Of belegt naast ontwikkelde markten ook in opkomende markten via een fonds als EMIM. De juiste mix hangt af van je risicotolerantie en tijdshorizon.


Kies de juiste beleggingsinstrumenten

Voor beginners zijn indexfondsen, ETF’s en beleggingsfondsen vaak geschikter dan individuele aandelen vanwege lagere kosten en automatische diversificatie. Dat is geen mening, maar een conclusie die je trekt als je de cijfers bekijkt.

De meeste actieve fondsbeheerders presteren op de lange termijn slechter dan de index die ze proberen te verslaan. Uit het SPIVA-rapport van S&P Global blijkt dat over een periode van tien jaar meer dan 85% van de actief beheerde fondsen in Europa hun benchmark niet wist te verslaan [bron: https://www.spglobal.com/spdji/en/research-insights/spiva/]. Deels door kosten, deels door het simpele feit dat de markt efficiënter is dan veel beheerders denken.

ETF’s zijn de meest toegankelijke variant van passief beleggen. Ze worden verhandeld op een beurs zoals een gewoon aandeel, hebben lage jaarlijkse kosten (de TER van IWDA is 0,20% per jaar [bron: https://www.ishares.com/uk/individual/en/products/251882/]), en bieden directe spreiding.

Beleggingsfondsen werken vergelijkbaar maar worden niet op een beurs verhandeld. Ze zijn soms toegankelijk via je bank, maar hebben gemiddeld hogere kosten dan ETF’s.

Individuele aandelen zijn niet per se verkeerd, maar ze vragen meer tijd, kennis en aandacht. Een positie in ASML of Apple naast een kern-ETF kan prima, zolang die kern-positie de basis vormt en de individuele aandelen een aanvulling zijn, niet andersom.

Kies je broker ook bewust. De kosten per transactie, de beschikbare producten en de gebruiksvriendelijkheid van het platform verschillen flink. Vergelijk de opties in het brokers-overzicht op deze site.


Maak een beleggingsplan en houd je eraan

Een schriftelijk beleggingsplan met duidelijke regels helpt je emotionele beslissingen te voorkomen en je strategie consistent uit te voeren. Het hoeft geen tien pagina’s te zijn. Vier punten zijn genoeg.

Wat belegt je: welke fondsen of ETF’s kies je, en waarom.

Hoeveel belegt je: een vast bedrag per maand, of een percentage van je inkomen. Automatisch incasseren via een periodieke opdracht werkt het beste, want dan hoef je er niet elke maand opnieuw over na te denken.

Wanneer herbalanceer je: eenmaal per jaar, of als een activaklasse meer dan 10% afwijkt van je doelgewicht. Schrijf het op. [bron: https://www.dnb.nl/voor-de-consument/beleggen/]

Wanneer verkoop je: niet bij een daling van 20%, niet omdat een vriend iets anders aanraadt, maar alleen als je doel of situatie fundamenteel verandert. [bron: https://www.afm.nl/nl-nl/consumenten/themas/zelf-beleggen]

Dat laatste punt is het moeilijkste. Markten dalen regelmatig. In 2022 daalde de MSCI World index met ruim 18% [bron: https://www.msci.com/documents/10199/178e6643-6ae6-47b9-82be-e1fc565ededb]. Wie zijn plan volgde en bleef zitten, zag die verliezen in 2023 volledig herstellen en daarna verder stijgen. Wie verkocht op het dieptepunt, realiseerde het verlies en miste het herstel.

Een plan helpt je niet de toekomst voorspellen. Het helpt je om in moeilijke momenten te doen wat je in rustige momenten als verstandig had besloten.


Controleer en herbalanceer je portefeuille regelmatig

Jaarlijkse controle en herbalancering zorgen ervoor dat je portefeuille aansluit bij je strategie en doelstellingen. Niet vaker, want te frequent kijken leidt tot onnodige ingrepen.

Herbalanceren is nodig omdat de markt je portefeuille uit balans brengt. Stel dat je begint met 80% aandelen en 20% obligaties. Na een jaar waarin aandelen sterk stegen, is die verhouding misschien 88% en 12%. Je portefeuille draagt dan meer risico dan je had bedoeld. Herbalanceren brengt je terug naar je doelgewicht. [bron: https://www.dnb.nl/voor-de-consument/beleggen/]

Dat doe je door het gegroeide deel te verkopen en het achtergebleven deel bij te kopen, of, als je maandelijks inlegt, door je inleg tijdelijk te richten op het achtergebleven deel. Die tweede methode heeft als voordeel dat je minder transactiekosten maakt en geen belastinggebeurtenis triggert door te verkopen.

Controleer bij je jaarlijkse check ook of je situatie veranderd is. Ben je dichter bij je doel gekomen? Is je tijdshorizon korter geworden? Heb je meer of minder risicotolerantie gekregen? Als dat zo is, pas dan je plan aan, niet je plan aan de markt.

Houd je controles bewust beperkt in frequentie. Maandelijks of wekelijks kijken naar je portefeuille verhoogt de kans dat je reageert op kortetermijnbewegingen die op de lange termijn irrelevant zijn.


Veel gemaakte fouten van beginnende beleggers

Beginnende beleggers maken vaak fouten zoals overtrading, emotioneel beleggen en onvoldoende diversificatie, en die zijn bijna allemaal te voorkomen.

Overtrading is te vaak kopen en verkopen. Elke transactie kost geld, en actief handelen leidt bij de meeste particuliere beleggers tot een lager rendement dan simpelweg blijven zitten. Een studie van Barber en Odean toonde aan dat de meest actieve handelaren gemiddeld 6,5% minder rendement per jaar behaalden dan passieve beleggers [bron: https://faculty.haas.berkeley.edu/odean/papers%20current%20versions/individual_investor_performance_final.pdf].

Emotioneel beleggen is kopen omdat iets al veel gestegen is (“het gaat zeker door”) of verkopen omdat iets daalt (“het gaat nog verder omlaag”). Beide zijn instinctieve reacties die haaks staan op wat een strategie je vertelt te doen.

Onvoldoende diversificatie is alles inzetten op één land, één sector of één thema. Wie in 2021 volledig in techfondsen zat, zag zijn portefeuille in 2022 met 30 tot 50% dalen terwijl een brede index het met de helft van dat verlies deed. [bron: https://www.msci.com/documents/10199/178e6643-6ae6-47b9-82be-e1fc565ededb]

Te laat beginnen is misschien de meest kostbare fout. Stel dat iemand op zijn 25e begint met 200 euro per maand bij een gemiddeld rendement van 7% per jaar. Op zijn 65e heeft hij dan ruim 525.000 euro opgebouwd [bron: https://investor.vanguard.com/investor-resources-education]. Wacht hij tot zijn 35e, dan is dat bedrag gedaald naar iets meer dan 243.000 euro. Tien jaar uitstel kost meer dan de helft van het eindresultaat.

Kosten negeren is de stille slopper. Een TER van 1,5% per jaar lijkt weinig, maar over twintig jaar vreet het een significant deel van je rendement op vergeleken met een fonds met 0,20% TER. [bron: https://www.justetf.com/nl/]


Veelgestelde vragen

Hoeveel geld heb ik nodig om te beginnen met beleggen?

Bij de meeste online brokers kun je beginnen met bedragen vanaf 1 euro, al is een maandelijkse inleg van 50 tot 100 euro praktischer om transactiekosten relatief laag te houden. Het gaat niet om het startbedrag, maar om de regelmaat waarmee je inlegt. Zorg wel eerst voor een buffer van drie tot zes maanden aan vaste lasten op een spaarrekening voordat je begint met beleggen.

Wat is het verschil tussen actief en passief beleggen?

Bij passief beleggen volg je een index zoals de MSCI World, zonder te proberen de markt te verslaan. Bij actief beleggen kiest een beheerder bewust welke aandelen hij koopt en verkoopt. Passief beleggen is goedkoper en presteert historisch gezien beter voor de meeste particuliere beleggers. Actief beleggen heeft hogere kosten en vereist meer kennis en tijd.

Hoe lang duurt het voordat ik winst zie op mijn beleggingen?

Dat hangt af van de markt en het moment waarop je begint. Op korte termijn kan je portefeuille ook dalen. Op een termijn van tien jaar of meer heeft een breed gespreide aandelenportefeuille historisch gezien vrijwel altijd positief gepresteerd. Beleggen is bedoeld voor de lange termijn, niet voor snelle winst.

Welke kosten moet ik rekenen bij het beleggen?

De belangrijkste kosten zijn de lopende kosten van je fonds (TER), transactiekosten bij je broker en eventuele bewaarkosten. ETF’s hebben een TER die varieert van 0,07% voor sommige S&P 500-fondsen tot 0,50% of meer voor nicheproducten [bron: https://www.justetf.com/nl/]. Vergelijk brokers op transactiekosten als je maandelijks kleine bedragen inlegt.

Is beleggen als beginner veilig en wat zijn de risico’s?

Beleggen brengt altijd risico met zich mee. Je kunt (tijdelijk of permanent) verlies lijden. Een breed gespreide portefeuille via indexfondsen verlaagt het risico aanzienlijk ten opzichte van individuele aandelen, maar elimineert het niet. Het grootste risico voor beginners is niet de markt zelf, maar emotionele beslissingen nemen op het verkeerde moment.


Dit is geen beleggingsadvies. Doe altijd je eigen onderzoek of raadpleeg een AFM-geregistreerd adviseur voordat je beslissingen neemt die passen bij jouw persoonlijke situatie, doelen en financiële positie.

Lees ook: Hoe kies je de beste broker als beginner en ETF’s voor beginners: wat zijn het en hoe werken ze.

Dmitry Ouzkikh
Geschreven door

Dmitry Ouzkikh

Hoi, ik ben Dmitry. Ik beleg sinds 2017 en deel sinds 2020 op Investinfo wat ik leer, openbaar voor iedereen en zonder paywall. Voor wie privé belegt of vanuit z'n BV. Geen financieel adviseur, geen AFM-registratie. Alles wat hier staat is mijn eigen ervaring en onderzoek. Voor persoonlijk advies: spreek met een AFM-geregistreerde adviseur.

Meer artikelen van de auteur →
Scroll naar boven